Ik weet wie ik ben. Wat iemand anders ook over me denkt, over of tegen mij zegt, hoe of wat dan ook, maakt niet meer uit. Ik weet wie ik ben. Ik ben geworteld in Liefde en genade. Ik ken de waarheid, en die is mooi, goed en zuiver. Ik hoef me niet meer door elkaar te laten schudden, of nog erger: uit elkaar te laten trekken 'als een natte gazet'. Ik sta en ik ben. En dat, dat was ooit anders.
Toen ik in december 2019 voor het eerst op de PAAZ werd opgenomen, was ik helemaal de kluts kwijt. Ik wist to-taal niet meer wie ik was. Zelf vergeleek ik me toen met een lege doos waarop iemand ooit eens NATHALIE had geschreven. Moest dat er niet hebben opgestaan, dan zou ik niet hebben geweten dat ik het was. Maar die doos, hoe groot ze misschien ook was, had geen inhoud. Al die jaren had ik zo hard geprobeerd om door andere mensen geliefd te zijn, en handelde ik er ook naar. Jij zou me aanvaarden als ik elke week mee op café ging? Dan ging ik mee op café. En jij zou me toffer vinden moest ik naar heavy metal luisteren? Wel, dan zal ik er wel naar luisteren, mezelf wijsmakend dat ik het geweldige muziek vond. Jij vond dat ik zachter, liever en meegaander moest zijn, en ik deed het. Vond jij net dat ik meer haar op mijn tanden moest hebben, dan deed ik dat ook. Jij wilde dat ik 'A' zei, ik zei 'A'. Maar jij wilde liever 'B'? Dan zei ik 'B'. En ik, na jaren en jaren en jaren zo geleefd te hebben, wist uiteindelijk niet meer wat boven of onder was. 'Wie ben ík?', was de grote vraag die op mijn lippen lag. Of nee, dat was de vraag die op de therapeuten hun lippen lag. Mijn vraag was geen vraag maar een noodkreet: LAAT-MIJ-ALLEMAAL-GEWOON-MET-RUST. Laat me slapen, rusten, tot mezelf komen. Laat me gewoon allemaal doen. Al jullie meningen en voorkeuren hebben mij kapot gemaakt, dus hou ze alsjeblieft allemaal voor jezelf en laat mij gewoon met rust!
Die rust heb ik uiteindelijk gekregen. Niet tijdens die opname (integendeel, al die yoga-, muziek-, knutsel- en systeemtherapiesessies waren much more than I could handle), maar wel tijdens de volgende opname drie maanden later. Want die viel precies aan het begin van de coronapandemie. WAT.EEN.CADEAU. Het ziekenhuis ging in lockdown, alle tweepersoonkamers werden plots eenpersoonskamers en niemand mocht nog van die kamers af. Ik heb toen zes weken lang geen schoenen gedragen, zes weken lang binnen gezeten, en niemand anders gezien dan het ziekenhuispersoneel. Dat is iets waar ik vandaag knettergek van zou worden, maar toen exact was wat ik nodig had. Laat de wereld maar doldraaien, ik zal hier wel lekker in mijn super veilige coconnetje zitten. Ik wilde het niet meer horen, hoe iedereen vond dat ik mezelf zou moeten gedragen. 'Doe dit, denk dat, handel zo'. Ik kon ook de beschuldigende toon, de toxiciteit, de manipulaties niet meer verdragen. Hetgene ik vanbinnen uitschreeuwde maar nooit durfde te zeggen is wat Chandler in deze scène uit Friends wel kon zeggen: 'Shut up, shut up, shut uuuuuuup!!'.
Tijdens die lockdownopname kreeg ik rust. Minder contact met de buitenwereld. Godzijdank. En na eerst twee weken te hebben mogen bekomen, kreeg ik van de therapeute een opdracht. Toen ze die gaf keek ik haar aan alsof ze me vroeg om in het Koreaans een opstel over het spijsverteringsstelsel van geiten ofzo te schrijven. Wat.zegt.dat.mens.nu?!
Haar opdracht was: schrijf een week lang elke dag vijf dingen op die jíj leuk vindt.
Echt waar.
Écht waar!
Onmogelijk.
Ik zou in tótaal nog geen vijf dingen hebben kunnen opschrijven die ik leuk vond, laat staan 35! Gek mens. Ik was een lege doos, en plots moest ik daarin gaan graven op zoek naar 35 verloren gegane items. Zou er misschien een dubbele bodem in die doos zitten?
De eerste dag heb ik een halfuur zitten kauwen om vijf dingen te vinden. Ik herinner me er nog maar twee van: de warmte van de zon en op blote voeten door het gras lopen. Die gedachten waren glimmers (al kende ik daar toen de naam nog niet van), dingen die het zenuwstelsel tot rust brengen en dus het tegendeel zijn van triggers.
Na een week bleek dat mijn doos inderdaad een dubbele bodem bleek te bevatten, want by some miracle had ik toch maar mooi 35 dingen uit mijn hoed weten te toveren die IK leuk vond. Niemand anders moest me vertellen wie ik was, wat ik voelde of hoe ik me moest gedragen. Nee, ik kreeg voor het allereerst de bewustwording dat ik eigen voorkeuren en wensen had, en dat ik die zelfs op papier mocht zetten en die in alle veiligheid aan een ander mens mocht uitdrukken. Niemand zei me dat het anders moest, dat ik fout was, dat het niet goed genoeg was. Het was juist, omdat het van mij was. Wauw, wat een ervaring!
Klinkt het zo alsof dat de start was van de grote ik-ontdek-wie-ik-ben-tocht-en-ik-laat-me-nooit-meer-iets-dicteren? Helaas pindakaas. Dat is niet gebeurd. Maar het is wél de start geweest van weten dat ik zelf voorkeuren, een mening en zelfs een stem heb. En in latere therapie heb ik geleerd om verbinding te maken met mijn buikgevoel en om me altijd weer te verbinden met de Liefde in mij, om van daaruit sterk gegrond te blijven.
Vandaag weet ik veel beter dan toen wie ik ben. Ik weet wat ik goed kan, wat ik leuk vind, en wie me aanvaardt en van me houdt zoals ik ben. Ik word gedragen en geliefd door vele mensen, en veroordeeld door anderen. En daar zit het hem net: niet iedereen aanvaardt mij om wie ik echt ben. Of jou. Omdat het niet kan. We can't be liked by everyone. We're not pizza.
Mensen maken soms gekke beslissingen. Een kat in het nauw maakt rare sprongen. En die katten durven dan ook al eens uit te halen. Klauwen kunnen scherp zijn en diepe sneden maken, en een bijt van zo'n kat kan je ook serieus voelen. En hoeveel pijn het ook doet, toch is mijn doos niet meer leeg. Ze zit bomvol omdat ik nu weet wie ik ben. Ik ken mijn kwetsbaarheden, sterktes, talenten en tekortkomingen. Maar ik ken mezelf op z'n minst. Wat mensen ook zeggen of hoe ze het ook communiceren. Ik laat me niet meer omverwaaien. Ik sta als een huis, en mij krijg je niet meer klein. Punt.
PUNT.
Reacties
Reactie plaatsen